Waarom een stelselherziening?

In 1810 werd in Nederland de Mijnwet van kracht: de eerste wet gericht op de leefomgeving. Sindsdien zijn er talloze wetten en regels op dat gebied bij gekomen. Zo is een ingewikkeld geheel ontstaan, waarin bijna niemand meer de weg kan vinden. Ook zijn de oude regels niet meer geschikt voor maatschappelijke opgaven van nu. Denk bijvoorbeeld aan de energietransitie en gebiedstransformaties. Daarom komt de Omgevingswet: één wet die alle wetten voor de leefomgeving bundelt en moderniseert.

Eenvoudiger en beter

Met het vernieuwen van het omgevingsrecht wil de wetgever vier verbeteringen bereiken. Dit worden ook wel de ‘verbeterdoelen van de stelselherziening’ genoemd.

  1. Het omgevingsrecht is inzichtelijk, voorspelbaar en gemakkelijk in het gebruik.
  2. De leefomgeving staat op een samenhangende manier centraal in beleid, besluitvorming en regelgeving.
  3. Een actieve en flexibele aanpak biedt overheden meer afwegingsruimte om doelen voor de leefomgeving te bereiken.
  4. Besluitvorming over projecten in de leefomgeving gaat sneller en beter.
     

Cultuurverandering

De Omgevingswet vraagt om een heel andere werk- en denkwijze van overheden, burgers en bedrijven. Open, samenhangend, flexibel, uitnodigend en innovatief zijn daarbij de kernwoorden. Dat willen we bereiken door minder en overzichtelijke regels, meer ruimte voor initiatieven en lokaal maatwerk en het geven en vragen van vertrouwen. Daarbij moet het doel van een initiatief in de fysieke leefomgeving centraal staan in plaats van de vraag ‘mag het wel?’. De regels geven daarvoor de kaders.

Het nieuwe stelsel voor het omgevingsrecht bundelt 26 wetten, 60 AMvB’s en 75 ministeriële regelingen tot 1 wet, 4 AMvB’s en 1 Omgevingsregeling.

download infographic

Zie ook