Invoeringsbesluit

Het Invoeringsbesluit bouwt voort op de Invoeringswet. Het besluit regelt het overgangsrecht, vult de vier basisbesluiten van de Omgevingswet aan en zorgt voor intrekking en wijziging van zo’n 75 andere besluiten. Tot het overgangsrecht behoort onder meer de zogenoemde bruidsschat. Op dit moment is het Invoeringsbesluit in consultatie. De consultatieperiode duurt tot 21 december 2018.

Overgangsrecht

Het overgangsrecht regelt de overgang van de huidige regelgeving naar het nieuwe stelsel. Het maakt voor burgers, bedrijven, rechters en bestuursorganen duidelijk wat de status is van onder het ‘oude recht’ genomen besluiten als de Omgevingswet in werking treedt. Ook regelt het overgangsrecht op welke manier procedures die onder het ‘oude’ recht zijn gestart na de inwerkingtreding van de Omgevingswet moeten worden afgehandeld.

Een in het oog springend onderdeel van het overgangsrecht is de ‘bruidsschat’: een set regels over onderwerpen die onder de Omgevingswet overgaan van het Rijk naar decentrale overheden. Deze regels worden toegevoegd aan het omgevingsplan of de waterschapsverordening en kunnen op elk moment door de gemeente of het waterschap binnen de kaders van de Omgevingswet worden aangepast en/of geschrapt. lees meer

Intrekken en wijzigen van bestaande besluiten

In totaal worden zo’n 75 bestaande besluiten ingetrokken of gewijzigd. De besluiten die worden ingetrokken gaan geheel op in de Omgevingswet of de vier basisbesluiten. Een voorbeeld van een besluit dat ingetrokken wordt, is het Besluit ruimtelijke ordening. Een aantal besluiten wordt gewijzigd om ze te laten aansluiten op de Omgevingswet en de vier basisbesluiten. Het gaat er bijvoorbeeld om dat de besluiten niet meer verwijzen naar instrumenten die straks niet meer bestaan. Voorbeelden van nu geldende besluiten die gewijzigd worden zijn het Waterbesluit en het Besluit Erfgoedwet archeologie.

Aanvulling basisbesluiten

Het Invoeringsbesluit vult de vier basisbesluiten (AMvB’s) van het nieuwe omgevingsstelsel aan. De vier basisbesluiten zijn het Omgevingsbesluit, het Besluit kwaliteit leefomgeving, het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving.

De aanvullingen bestaan onder meer uit:

  • Uitwerking van onderwerpen uit de Invoeringswet. Voorbeelden zijn de uitwerking van de grondslagen in de Invoeringswet voor nadeelcompensatie en het Digitale Stelsel Omgevingsrecht.
  • Wijzigingen in huidige regelgeving die nog niet in de basisbesluiten konden worden verwerkt. Een voorbeeld is de inbouw van de recent gewijzigde ladder voor duurzame verstedelijking.
  • Uitwerking van politieke toezeggingen. Denk bijvoorbeeld aan de aangenomen motie voor een instructieregel over recreatieve routenetwerken.
  • Implementatie van wijzigingen van het Activiteitenbesluit als gevolg van internationale verplichtingen. Een voorbeeld is de wijziging van het Activiteitenbesluit ten behoeve van nadere implementatie van de artikelen 3 en 4 van de Richtlijn betreffende de kwaliteit van benzine en van dieselbrandstof.

Samen aan de slag

De ontwikkeling van het Invoeringsbesluit inclusief bruidsschat vindt plaats in samenspraak met decentrale overheden en andere stakeholders. Het ministerie van BZK heeft regelmatig informeel overleg met de koepels en organiseert sessies over concrete onderwerpen, bijvoorbeeld over de uitwerking van de bruidsschat.

Bekijk deze video voor een korte inleiding op het Invoeringsbesluit. De presentatie werd opgenomen tijdens de Botsproevendag voor de Omgevingsregeling en het Invoeringsbesluit op 24 april 2018.

FENNA GUTTER: Ik ben Fenna Gutter, projectleider van het Invoeringsbesluit en ik zal daar vandaag een korte inleiding over geven.
Het Invoeringsbesluit bestaat uit drie brokken.
Allereerst het overgangsrecht en dat bestaat voor een deel uit het reguliere overgangsrecht.
Al moet ik daarvan wel zeggen dat het meestal op wetsniveau bij Invoeringswet is geregeld dat er voor een beperkt aantal zaken nog regels nodig zijn op besluitniveau.
En een belangrijk en bijzonder onderdeel is dan natuurlijk ook de bruidsschat waar ik straks wat nader op in zal gaan.
Verder worden er 35 besluiten ingetrokken omdat ze totaal opgaan in het nieuwe stelsel en worden 51 besluiten aangepast om ze te laten aansluiten op het nieuwe stelsel.
En dan als laatste nog de aanvullingen van de AMvB's.
Een reden kan zijn dat in de huidige besluiten nou, daar zitten een aantal PM-posten in.
Bijvoorbeeld, denk aan de Ladder voor duurzame verstedelijking die werd aangepast toen het Bkl tot stand kwam.
Dat proces is eerst afgerond.
En die aangepaste Ladder voor duurzame verstedelijking wordt via het Invoeringsbesluit dan ingehangen in het Bkl.
Een andere reden kan zijn dat de grondslag pas bij Invoeringswet is geregeld.
Een voorbeeld daarvan is de nieuwe opzet van de vergunningplicht voor de bouwactiviteit.
In de volksmond ook wel bekend als de knip, vandaar dat schaartje.
Daar is vandaag natuurlijk een aparte sessie over over hoe wij die uitwerking dan voor ons zien.
En dat raakt de aanvullingen van de basisbesluiten maar dat raakt dan ook een stukje van de bruidsschat dus vandaar daar ook een schaartje.
Ook het Invoeringsbesluit heeft natuurlijk een planning.
De botsproeven, zoals ook vandaag, maken onderdeel uit van de schrijffase.
Dat zijn belangrijke momenten voor ons om te kijken hoe de regels zoals wij die voor ons zien, in de praktijk, hoe jullie daartegenaan kijken.
De volgende stap, en die hebben wij voorzien in het najaar dit jaar is toetsing en consultatie.

(Ze staat bij een projectiescherm.)

Begin 2019 willen we het besluit voorhangen bij de Eerste en Tweede Kamer waarna we medio 2019 het besluit willen voorleggen voor advies bij de Raad van State.
En dan tot slot, notificatie bij de Europese Commissie vanwege de technische voorschriften, en publicatie eind 2019.
Dit is de planning waar we op koersen.
Uiteraard zijn we natuurlijk afhankelijk van andere instanties dus vandaar dat die ook globaal is weergegeven.
Dan nog een paar sheets over de bruidsschat.
Toen ik dus een jaar geleden begon aan dit project vond ik dat echt een hele eigenaardige term.
Er was net, in een eerdere presentatie, ook al een plaatje met parels.
Dat was het beeld dat ik erbij had, en witte jurken en kamelen.
Maar toen ik het woord opzocht in de Van Dale bleek het ook eigenlijk wel een zakelijke definitie te hebben namelijk: figuurlijk geld dat of bezittingen die een bedrijf bij een fusie meebrengt of bij een verzelfstandiging meekrijgt.
Nou, misschien kunnen we na het Invoeringsbesluit daar nog een elementje aan laten toevoegen regels die een overheid meegeeft of meekrijgt bij een decentralisatie.
Hier is dan de infographic van de bruidsschat.
Een heel deel van jullie zal die wel kennen, maar ik wil hem toch even toelichten.
Kijk, nu met de Omgevingswet worden een aantal zaken gedecentraliseerd.
Bijvoorbeeld: geur en geluid voor horeca.
En om te voorkomen dat er een gat ontstaat en om decentrale overheden de tijd te geven zelf een afweging te maken is er de bruidsschat.
Zoals je ziet, komt er een bruidsschat voor gemeenten en er komt een bruidsschat voor waterschappen.
Provincies streven ernaar hun omgevings- verordeningen op tijd af te hebben dus die hebben er dan ook geen een nodig.
Nou, die bruidsschat bevat dan een set regels over de onderwerpen die gedecentraliseerd worden.
En vandaar een verhuisdoos waarin die set regels dan zit.
En net als bij een echte verhuisdoos kan het zo zijn dat als de verhuisdoos op de bestemming aankomt dat een deel daarvan, van de inhoud, linea recta bij het grofvuil terechtkomt omdat het oude troep is bij nader inzien of omdat het toch niet zo mooi staat in het nieuwe huis omdat het niet past in de nieuwe stijl.
Een gemeente of een waterschap kan vanaf dag één dus echt doen met de bruidsschat wat hij wil.
Uiteraard wel binnen de kaders van de Omgevingswet.
Maar hoe zit dat dan met die stijl van het nieuwe huis?
Die bruidsschat is namelijk een van de bouwstenen om te komen tot een omgevingsplan zoals bedoeld in de wet.
Vanaf dag één heeft elke gemeente een omgevingsplan en dat bestaat van rechtswege uit oude bestemmingsplannen beheersverordeningen en dergelijke, en ook uit die bruidsschat.
En daarnaast zijn er dan nog die lokale verordeningen.
Bijvoorbeeld de Algemene Plaatselijke Verordening.
Gemeenten kunnen met die bouwstenen tot uiterlijk 2029 komen tot een omgevingsplan zoals bedoeld in de wet.
En zoals je ziet, zijn delen van die bouwstenen echt wel herkenbaar in dat nieuwe huis, maar heeft het nieuwe huis het is wel een totaal nieuw gebouw, nieuwe stijl, met ook nieuwe elementen.
Dit plaatje kan je ook eigenlijk zou je ook voor waterschappen kunnen maken maar daar geldt dan een iets andere termijn voor.

(Ze neemt een slokje water.)

Toen we aan dit project begonnen zijn we eerst gaan inventariseren: wat wordt er allemaal gedecentraliseerd?
In totaal gaat het om zo'n zeshonderd regels.
En zoals je ziet, hier is weergegeven waar die regels vandaan komen gaat het niet alleen om regels uit besluiten die worden gedecentraliseerd maar die bruidsschat neemt ook alles mee wat gedecentraliseerd wordt dus ook op wetsniveau en regelingniveau.
De aanvullingssporen moeten wel voor hun eigen invoering zorgen dus dat is hierin niet meegenomen.
Om dan samen te vatten om welke onderwerpen het gaat het gaat ten eerste om de onderwerpen die via het Bbl worden gedecentraliseerd en daarnaast gaat het om de onderwerpen die via het Bal geheel worden losgelaten.
Vervolgens heb je nog milieubelastende activiteiten waarvan de gevolgen van emissies van geluid, geur en trillingen dan wel via het omgevingsplan moeten worden geregeld dus ook dat wordt in de bruidsschat meegegeven.
En dan ten slotte nog de regels voor lozingen in de waterschapsverordeningen.

(Ze roept een volgende slide op.)

Ik zei al, er waren veel verschillende beelden over hoe die bruidsschat vorm moet krijgen en wat die inhoudt.
Het kader daarvoor is gegeven in de Invoeringswet en die stelt dat het moet gaan om gelijkwaardige regels ten opzichte van de huidige regels.
Dus dat de inhoud moet worden gecontinueerd maar dat ze niet een-op-een over hoeven te worden genomen zoals staat in de toelichting op die wet.
Nou hebben we in een expertsessie en met de koepels ook besproken van hoe kunnen we dat dan het beste vormgeven?
Wat werkt het beste? Waar hebben jullie ook behoefte aan?
En daar is een lijn uit gekomen die ook bestuurlijk is afgezegend.
En dat is dat we in ieder geval aansluiten op de terminologie van de Omgevingswet.
Dus het begrip 'inrichting' zal je niet terugzien in de bruidsschat.
En voor een deel sluiten we ook aan op de systematiek.
We gaan werken met een specifieke zorgplicht à la het Bal waardoor goodhousekeeping- maatregelen kunnen komen te vervallen.
We gaan werken met één generieke maatwerkbepaling in plaats van dat we al die maatwerkbepalingen die de huidige regels kennen, een-op-een gaan overnemen.
En aan de hand van tekstvoorstellen gaan we kijken of en waar verder nog aangesloten zou kunnen worden.
Uiteraard onder die voorwaarden van gelijkwaardigheid.
Het is niet de bedoeling dat we via de bruidsschat op de stoel van de decentrale overheden gaan zitten.

(Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Rijksoverheid. Het beeld wordt blauw met wit. Beeldtekst: Dit is een productie van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Copyright 2018.)