Natasha Groot en Michiel Koetsier over het samen werken aan een integrale omgevingsvisie

Een belangrijk doel van de Omgevingswet is het bevorderen van de samenhang van beleid voor de fysieke leefomgeving.

Inhoud college

Die integrale benadering vindt bij uitstek zijn vorm in de omgevingsvisie. Een nieuw instrument dat in de plaats komt van de structuurvisie, delen van de natuurvisie, verkeers- en vervoersplannen, delen van nationale en provinciale waterplannen en milieubeleidsplannen. Het wetsvoorstel Omgevingswet schrijft voor dat Rijk en provincies elk een omgevingsvisie maken.

Bij de provincie Gelderland doen ze al ervaring op met het maken van zo’n integrale omgevingsvisie. Natasha Groot en Michiel Koetsier, projectmanagers bij de provincie Gelderland, vertellen in een 7-minutencollege over hoe zij het binnen hun provincie hebben aangepakt om alle partijen bij het maken van de omgevingsvisie te betrekken. Een college over keukentafelgesprekken, elkaar leren kennen en verwachtingen over en weer. En hoe door samenwerking het er alleen maar leuker op wordt

(Naast een viaduct staat een windturbine te draaien. Aan de oever van een rivier ligt een zeilboot. Beeldtitel: Kijk op de Omgevingswet. Beeldtekst: Natasha Groot en Michiel Koetsier over de omgevingsvisie. Iemand slaat een filmklapper dicht.)

LEVENDIGE MUZIEK

MICHIEL KOETSIER: Het mooie van de Omgevingswet is dat die de samenhang tussen onderwerpen als uitgangspunt neemt.

Een integrale benadering, dus.

En vandaar dat we eigenlijk ook in de omgevingsvisie die verschillende onderwerpen, milieu, water, ruimte, wonen, werken echt gezamenlijk hebben bekeken en vastgepakt.

En wat je dan ziet, is dat we als overheid, in elk geval ook als provinciale overheid ons realiseren dat we vaak maar een stukje van de oplossing kunnen bieden op maatschappelijke opgaven op elk van die terreinen.

En juist het besef dat je daarin een van de vele spelers bent maar dat anderen net zo goed een bijdrage te leveren hebben is bij ons een belangrijk uitgangspunt geweest om de omgevingsvisie te maken en zo invulling te geven aan de intenties van de wet om echt buiten maatschappelijke opgaven aan te pakken.

En wat je dan merkt, is dat Nou, neem een onderwerp als de woningmarkt dat je daar als provincie een rol in hebt te spelen maar dat hebben gemeenten ook net zo goed als woningbouwcorporaties, projectontwikkelaars en pas als je elkaar daar goed weet aan te vullen, goed weet te vinden kun je daadwerkelijk tot oplossingen komen.

En dat is nog best lastig om dat ook met elkaar te organiseren.

NATASHA GROOT: En daarvoor zijn er eigenlijk vier dingen best wel belangrijk met elkaar om te doorleven, hebben we gemerkt en het allereerste is dat je met elkaar ook in gesprek raakt over wie je bent als mens.

Niet alleen als vertegenwoordiger van een gemeente of een corporatie of een bedrijf maar wie is nou die persoon die bij jou aan tafel zit die al heel erg betrokken is of heel veel ervaring heeft en hoe is het met hem?

En de manier waarop we daar meer met elkaar in contact kwamen was dat we op een gegeven moment aan de keukentafel zijn gaan zitten in ons bedrijfsrestaurant, met een grote pot koffie en allemaal een beetje staan, een beetje dicht bij elkaar.

En door dat vaker te doen, eigenlijk wekelijks kregen we een heel ander type gesprek.

Kregen we gesprekken van: ik vind dat maar een beetje vaag of: hoe gaan we dat nou doen? En een sleutelmoment voor mijn gevoel was dat een van de mensen zei van: Hoe gaan we nou het thema water eigenlijk hoe gaan we dat doen in de omgevingsvisie? Gaan we het opknippen hoe ga je weer verknopen met andere opgaven, hoe doen we dat nou?

En doordat die vraag gesteld werd, gaf het eigenlijk heel veel ruimte voor iedereen om daarover na te denken en vervolgens antwoorden te kunnen geven met elkaar.

Dat was echt een heel belangrijk moment.

En het tweede is om te doorleven: wat ga je doen als je de tekst...

Je bent met elkaar bezig van: hoe ga je die opgave realiseren?

Uiteindelijk werk je toe naar een product, een visie, een tekst maar als die er eenmaal is, wat ga je dan doen en wat is jouw rol, wat is de rol van de provincie?

Als je het daar met elkaar over hebt, wat is die volgende stap dan maakt dat dat je daar vertrouwen in krijgt.

Dus een voorbeeld is de detailhandel waar gevraagd werd: Provincie, neem de regie want we willen niet leegstand hebben we willen gedoseerd goeie detailhandel op de goeie plekken in Gelderland maar moet de provincie daar dan een verordeningsregel voor opstellen een omgevingsverordening, of organiseren we een keer een gesprek of hoe doen we dat dan met elkaar?

En als je daar een beetje een gedeeld beeld, een gedeeld gevoel bij hebt dan komt die visie er gewoon dan heb je er vertrouwen in dat je de goeie dingen aan het doen bent.

Een derde punt dat ook heel belangrijk is om te doorleven is de verschillende invalshoeken die altijd aan een ingewikkeld vraagstuk zitten.

Zoals windmolens in een belangrijk gebied in Gelderland de Nieuwe Hollandse Waterlinie of een open landschap om een voorbeeld te noemen, of het stimuleren van de recreatie in de natuur daar zitten altijd lastige kanten aan.

Heb het gesprek daar ook over en het kan echt ook heel ongemakkelijk zijn soms, hoor.

Dat je zegt van: Nou ja, hoe gaan we dat nou met elkaar verbinden?

Maar puur het delen met elkaar, wat er dan achter zit en hoe je eigenlijk met elkaar dezelfde dingen voor ogen hebt en ook iemand de rol geven van: wil jij het dan uitwerken als je alles gehoord hebt wat er gedeeld is dat geeft enorm veel rijkdom eigenlijk aan de oplossingen die we dan met elkaar kunnen bedenken.

En als laatste, ook heel belangrijk: dat niet alles nu per se helemaal af hoeft te zijn. Dus een van de thema's in deze visie is dat we als Gelderland steeds meer stedelijke vraagstukken ook zien die op dit moment actueel zijn. En het idee dat de Gelderse steden ook een belangrijke motor kunnen zijn van de economie maar dat we nog niet precies weten wat we daarvoor moeten doen of dat we daar al heel veel voor doen, of dat we daar iets extra's voor moeten doen en dat de provincie misschien iets moet of dat anderen dat kunnen doen.

Maar het te agenderen, van: dat gaan we wel met elkaar verkennen in de komende periode, dat heeft ons gewoon een stukje lucht gegeven van: nou, het hoeft niet af, maar we weten dat dit iets is waar we nog iets mee moeten.

En ja, ten slotte moet je ook gewoon duidelijk zijn over je verwachtingen naar elkaar.

Want juist die verwachtingen over en weer, dat is essentieel op het moment dat je met verschillende invalshoeken en belangen aan tafel zit zodat je elkaar ook kunt begrijpen en dat ook op tafel onderdeel van het gesprek is wat je met elkaar te doen hebt en waar iedereen staat.

Vandaar ook dat we juist de omgevingsvisie hebben gebruikt om onze provinciale verwachtingen helder te maken: waar staan we als provincie hoe zitten wij erin? Maar wel met nadruk vanuit die cultuur van samenwerking van: de opgave staat centraal en daar samen aan werken om op die manier met elkaar samen invulling te geven aan nieuwe oplossingen.

En wat we dan ook gemerkt hebben is omdat je veel meer diepgang krijgt in de gesprekken omdat je elkaar veel beter weet te vinden en vooral ook leert begrijpen is dat het werken met zo'n nieuwe Omgevingswet met de nieuwe omgevingsvisie ook veel leuker wordt.

(Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Beeldtekst: Meer weten? Kijk op omgevingswet.pleio.nl.)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER EN STOPT DAN