Marc Wesselink over omgevingsmanagement: De toekomst moet je verdienen

Tegen de achtergrond van Maasvlakte 2, waarvoor Marc Wesselink vijf jaar lang omgevingsmanager was, vertelt hij in zijn college hoe besluitvormingsprocessen beter, efficiënter en effectiever kunnen worden ingericht. Vroegtijdige dialoog is de basis van goed omgevingsmanagement. Want de samenleving is veranderd. Inwoners zijn mondiger omdat ze eenvoudig toegang hebben tot meer informatie dankzij de online beschikbaarheid ervan. Ze zijn daardoor een serieuze gesprekspartner die eisen betrokken te worden bij projecten en de besluitvorming.

Inhoud college

Wesselink legt in zijn college uit dat er vier bouwstenen zijn voor professioneel belangenmanagement. Te beginnen met werken vanuit een visie. Daarvoor is de Mutual Gains Approach ontwikkeld die helpt bij het zoeken van oplossingen op basis van de belangen in het gebied en het versterkten van het onderling vertrouwen tussen partijen. Daarna volgt een haalbaar plan van aanpak om het belangenmanagement naar een hoger niveau te tillen. Uitgangspunt daarbij is dat het vraagstuk een oplossing verdient. De derde bouwsteen gaat over de vaardigheden die nodig zijn. Om vertrouwen te bouwen, conflicten op te lossen op basis van belangen en samen tot oplossingen te komen. Die verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij de omgevingsmanager. Omgevingsmanagement is een organisatiecompetentie!

De vierde bouwsteen is dan ook het verankeren van het omgevingsmanagement in de organisatie. Het vasthouden en toegankelijk maken van de collectieve kennis van omgevingsissues en stakeholders. Maar het gaat ook over het borgen van de randvoorwaarden: de omgeving een plek geven in missie, visie en strategie. Taken en verantwoordelijkheden beleggen, een toolbox ontwikkelen en bijvoorbeeld HR betrekken bij het werven en ontwikkelen van de benodigde competenties.

(Naast een viaduct staat een windturbine te draaien. Aan de oever van een rivier ligt een zeilboot. Beeldtitel: Kijk op de Omgevingswet. Een man staat voor een raam. Beeldtekst: Kijk op de Omgevingswet. Marc Wesselink over omgevingsmanagement. "De toekomst moet je verdienen." Iemand slaat een filmklapper dicht.)

LEVENDIGE MUZIEK

MARC WESSELINK: Welkom bij FutureLand het bezoekers-en informatiecentrum van Maasvlakte 2.

Mijn naam is Marc Wesselink en ik geef een mini-college over de Omgevingswet en omgevingsmanagement.

Achter mij, Maasvlakte 2 in ontwikkeling.

Ik ben daar vijf jaar omgevingsmanager geweest en ik ga mijn ervaringen en inzichten, ook uit dat traject proberen in deze zeven minuten met jullie mee te nemen.

Terwijl ik bezig was bij Maasvlakte 2 heb ik ook mee kunnen kijken met het werk van de Commissie Elverding die onderzoek deed naar participatie in besluitvorming.

Hoe kunnen dingen beter, efficiënter, effectiever uiteindelijk worden?

En wat we gezien hebben, is dat vroegtijdige dialoog erg belangrijk is.

En waarom is dat nou zo belangrijk?

De basis van omgevingsmanagement ligt eigenlijk daar.

Wat wij zien, is dat de samenleving in een rap tempo is veranderd dat mensen mondiger geworden zijn minder respect hebben voor overheid en bedrijfsleven.

Maar het belangrijkste misschien van alles dat ze over meer informatie beschikken, hoger opgeleid zijn in staat zijn van data informatie te maken en een serieuze gesprekspartner te worden.

En de kennisvoorsprong die overheid en bedrijfsleven hadden ten opzichte van de burgers wordt door die burgers en samenleving in een rap tempo ingelopen.

En ze eisen dan ook een andere plek in de participatie.

Ze eisen een meer gelijkwaardige rol.

En dat vraagt wat van organisaties en dat vraagt vooral wat van mensen.

Want hoe mooi we de Omgevingswet ook maken met omgevingsvisies, omgevingsplannen, de wet biedt het instrumentarium maar het zijn de mensen die er gebruik van moeten maken anders halen we niet de kracht die in die nieuwe wet zit.

Maar hoe doe je dat dan?

Onze ervaring leert dat er vier bouwstenen zijn voor professioneel belang en management.

De eerste is: werk vanuit een visie een soort van overtuiging of geloof van waaruit je je omgevingsmanagement verder kunt vormgeven.

Wij werken met de Mutual Gains Approach iets wat in Boston is ontwikkeld die uitgaat van het professionaliseren van belangenmanagement.

Wat we daarmee bedoelen, is dat we minder in standpunten moeten praten in meningen, 'ik ben voor' of 'ik ben tegen' omdat standpunten in principe vloeibaar zijn één argument erbij en je bent misschien wel weer van standpunt veranderd dan sta je in één keer aan de andere kant.

Dat is wat we niet willen.

We willen in de tijd een duurzame, betrouwbare relatie opbouwen.

Dat betekent dat we dat soort verrassingen niet kunnen hebben dus wij willen weten waarom mensen voor of tegen zijn.

Wij willen weten wat hen drijft, wat hun passies zijn wat hun overtuigingen zijn, waar de emotie uiteindelijk vandaan komt.

Dat is wat we willen. Daarvoor helpt een visie.

En die Mutual Gains Approach brengt in beeld wat de belangen van partijen zijn en helpt bij mensen van standpunten naar belangen brengen.

Werken vanuit een visie is de eerste bouwsteen.

Maar hoe maak je dat nou concreet? Komen we bij de tweede bouwsteen een plan van aanpak, en een haalbaar plan van aanpak want omgevingsmanagement moet je ook kunnen verantwoorden.

Waarom heb ik welke mensen in welk stadium wel betrokken en waarom niet?

En hoe heb ik dat uiteindelijk gedaan?

Een stappenplan als een soort van leidraad met een toolbox die daarbij hoort kan helpen om dat belangenmanagement naar het nodige niveau te brengen om tot goede omgevingsvisies en omgevingsplannen te komen.

Dat vraagt wel wat van mensen, dat vraagt een hoop van de organisatie in ieder geval het lef om vroegtijdig ook werkelijk met elkaar het gesprek aan te gaan om plannen vroegtijdig te openbaren voor de omgeving en mensen mee te laten denken.

Vooral in kennisgestuurde organisaties is dat een moeilijk onderwerp.

Door een goede analyse te maken van wat de spannende onderwerpen zijn en wat de belangen zijn kun je daarna in een creatief proces op zoek naar: wat is nou een oplossing voor dit gebied?

En wat daar dan weer spannend bij is is dat we dan de scope niet helemaal dichtgetimmerd moeten hebben.

Het is niet: het project verdient een resultaat maar het vraagstuk verdient een oplossing.

Dat vraagt om een andere aanpak en een andere kijk, andere specialismen maar misschien ook wel andere budgetten en een andere tijd.

De ervaring leert echter dat dat altijd mogelijk is en dat je daar niet in een beperking moet denken.

Soms ligt de schoonheid in de complexiteit.

De derde bouwsteen gaat over de vaardigheden.

Maar wat moet ik dan kunnen of wat moeten mijn collega's kunnen of wat moeten andere partijen kunnen als we problemen willen oplossen respect voor elkaars belangen willen kunnen krijgen en vertrouwen willen bouwen dat standhoudt in de komende periode en de komende jaren.

Wat is daarvoor nodig?

En dat is best heel erg veel, want we hebben het dan niet alleen over een omgevingsmanager die als een soort van strijkbout alle plooien die de rest van de organisatie heeft gemaakt, weer gladstrijkt.

Nee, het gaat erom dat je hele organisatie maakt dat ze vertrouwenswaardig is.

Omgevingsmanagement is een organisatiecompetentie.

De vierde bouwsteen gaat over: hoe veranker ik dat in mijn organisatie dat het niet alleen om een project gaat of een proces of een interactie rondom een deelstuk van een omgevingsvisie.

Als je die omgevingsvisie, een omgevingsplan wil kunnen uitvoeren dan heb je vertrouwen op de lange termijn nodig.

En dat betekent dat je hele organisatie vertrouwenswaardig moet zijn.

Dat betekent dat de kennis van de omgeving van de spannende onderwerpen en de issues de collectieve kennis die je daarvan hebt gebundeld moet worden, verrijkt moet worden in een continu proces en toegankelijk moet worden gemaakt voor de hele organisatie.

En dat de processen en werkprocessen en de afstemming nodig zijn om te zorgen dat de besluitvorming en de interactie met de omgeving op het gewenste professionele niveau kunnen komen.

Dat is best een hele opgave.

Maar als we dat doen, dan gaan we zeker in staat zijn om de Omgevingswet in z'n kracht te laten komen.

En voor de stakeholders, voor eenieder geldt: denk erom dit is noodzakelijk, niet voor de wet, maar voor jezelf.

De toekomst moet je immers verdienen.

(Het Nederlandse wapenschild met daarnaast: Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Beeldtekst: Meer weten? Kijk op omgevingswet.pleio.nl.)

DE LEVENDIGE MUZIEK SPEELT VERDER EN STOPT DAN