Aanvullingswet bodem aangenomen door Tweede Kamer

Op 18 december 2018 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Aanvullingswet bodem Omgevingswet aangenomen. De Aanvullingswet bodem is één van de vier aanvullingswetten bij de Omgevingswet en de eerste die bij het parlement is ingediend. Ook de aanvullingswetten voor geluid en natuur liggen bij het parlement, de aanvullingswet grondeigendom volgt in 2019. De Aanvullingswet bodem is door de staatssecretaris van IenW aan het parlement aangeboden.

Met het voorstel voor de Aanvullingswet worden de regels over het beschermen en benutten van de bodem opgenomen in de Omgevingswet. Het bodembeleid berust op drie pijlers: het voorkomen van nieuwe verontreinigingen (preventie), het meewegen van bodemkwaliteit als onderdeel van de fysieke leefomgeving (toedeling functies) en het duurzaam en doelmatig beheren van historische verontreinigingen.

Instrumentarium Omgevingswet

Het voorstel voor de Aanvullingswet bodem maakt gebruik van het instrumentarium van de Omgevingswet. Belangrijke instrumenten zijn de zorgplicht, algemene regels (rijksregels) en decentrale regels.

De bestaande zorgplicht van de Wet bodembescherming wordt ingepast in het nieuwe stelsel van de Omgevingswet. De Aanvullingswet plaatst een aantal specifieke bepalingen voor bodem in de Omgevingswet, zoals enkele gedoogplichten en de toevalsvondst. In het Aanvullingsbesluit komen meer specifieke regels voor bodem, bijvoorbeeld voor saneren of grondwerk. Voor andere activiteiten kunnen de gemeenten regels opnemen in het omgevingsplan. Zij krijgen meer afwegingsruimte, passend bij de Omgevingswet.

Het Aanvullingsbesluit bodem is in 2018 in consultatie geweest. Op dit moment worden de resultaten van de consultatie verwerkt.