Samen aan de slag met het overgangsrecht

Op 9 november organiseerde Eenvoudig Beter een sessie over het overgangsrecht voor algemene regels en vergunningen. Zo’n 35 medewerkers van verschillende uitvoeringsorganisaties namen deel. Na een uitgebreide introductie over het overgangsrecht werd gezamenlijk verkend op welke onderdelen het overgangsrecht nog onvoldoende helder is en/of aanvulling van de Invoeringswet Omgevingswet nodig is. Over de consequentie van het vervallen van het begrip ‘inrichting’ en de overgang naar ‘milieubelastende activiteit’ zijn afspraken gemaakt voor een vervolg.

Botsing twee auto's

In een botsproef wordt getest hoe voorgestelde regels in de praktijk werken.

Algemene regels en vergunningplichten

Nicole Fikke, projectleider Besluit activiteiten leefomgeving, nam de deelnemers mee in de wereld van het overgangsrecht voor algemene regels en vergunningplichten. Ze belichtte het overgangsrecht eerst vanuit het perspectief van alleen algemene regels: rijksregels die straks ook rijksregels blijven en rijksregels die straks decentrale regels zullen worden.

Fikke: ‘Voor die laatste categorie zal de zogenoemde bruidsschat bij inwerkingtreding voorzien in regels die gelijkwaardig zijn aan de huidige Rijksregels. Hiermee wordt een lacune voorkomen. Deze regels kunnen daarna worden aangepast door gemeenten en waterschappen. Uitgangspunt van het overgangsrecht is dat burgers en bedrijven hun activiteiten kunnen voortzetten onder dezelfde voorwaarden. Als de nieuwe regels strenger worden (bijvoorbeeld vanwege nieuwe technieken) is er een overgangsperiode waarin bedrijven aan de strengere regels kunnen voldoen.’

Uitgangspunt van het overgangsrecht is dat burgers en bedrijven hun activiteiten kunnen voortzetten onder dezelfde voorwaarden

Wat moet anders?

’s Middags gingen de deelnemers in drie groepen zelf aan de slag met het overgangsrecht. Aan de hand van voorbeelden en een uit de praktijk aangedragen casus werd het overgangsrecht nu concreet besproken. De levendige discussie hielp om het beter te begrijpen en om onduidelijke aspecten te benoemen. Een van de punten die naar voren kwamen was het begrip ‘inrichting’ versus ‘milieubelastende activiteit’. Nu hebben veel bedrijven een vergunning voor een inrichting die meerdere activiteiten omvat. Straks zijn die aparte activiteiten vergunningplichtig. Insteek is dat het overgangsrecht ervoor zorgt dat bedrijven hun activiteiten onder dezelfde regels kunnen voortzetten. Als een activiteit wijzigt (bijvoorbeeld van een kippenstal), dan hangt het van de situatie af hoe gehandeld moet worden. Is deze activiteit vergunningplichtig, dan zal de bestaande vergunning moeten worden aangepast of moet er een nieuwe vergunning worden aangevraagd. De mate waarin er functionele samenhang is tussen de activiteiten bepaalt of alles in één vergunning kan worden gestopt.

Het verder uitwerken van overgangsrecht in combinatie met wijzigingen in de bestaande situaties is een thema waar de deelnemers nog verder mee aan de slag wilden. Projectleider Invoeringswet Masja Stefanski zegde toe dat er in samenwerking met Aan de slag met de Omgevingswet een vervolg komt.